Sinds 2017 voert SON-Respons samen met Sea Alarm het paraatheidprogramma uit voor de Samenwerkingsregeling Besmeurde Vogels (SBV). Via het programma bereidt SON-Respons de SBV stakeholders voor op hun rol in de regeling om die tijdens een respons zo professioneel mogelijk uit te voeren. SON-Respons heeft tijdens een incident een adviserende, informerende en deels coordinerende taak.

De Samenwerkingsregeling Besmeurde Vogels (SBV2.0) is het rampenplan van Rijkswaterstaat Zee Delta voor incidenten met olie en gevolgen voor vogels. De SBV 2.0 heeft als werkingsgebied de zoute wateren van de Noordzee.
De regeling is een multidisciplinaire samenwerking tussen overheden als Rijkswaterstaat, Veiligheidsregio’s, gemeenten, provincies en omgevingsdiensten, en private partijen zoals de opvangcentra die een rol spelen tijdens olievogelincidenten.

Het plan beschrijft diverse scenario’s en voorziet in een nauwkeurige beschrijving van taken en rollen voor partijen. Het hele proces, het vangen, revalideren/euthanaseren, ringen, loslaten en post mortem onderzoek van olievogels is beschreven via draaiboeken. Bij grootschalige incidenten zal door Rijkswaterstaat een Tijdelijk Opvangcentrum voor Vogels (TOV) worden ingericht. Rijkswaterstaat heeft van alle Provincies een ontheffing onder de Omgevingswet, gebaseerd op de EUROWA standaards.

Paraatheid

Het succes van een respons plan hangt af van de mate waarin uitvoerders via Opleiding, Training, Oefening (OTO) zijn voorbereid op hun rol. In de SBV zijn rollen en taken nauwkeurig gedefinieerd en in draaiboeken vastgelegd.
Als onderdeel van het Paraatheidprogramma worden regelmatig trainingen, oefeningen en workshops aangeboden aan alle SBV rolhouders.

Voor alle activiteiten met levende olievogels maakt SON-Respons gebruik van de Europese trainingen die door de EUROWA groep zijn ontwikkeld, waar ook Nederlandse opvangcentra bij zijn aangesloten. Het IPIECA /EUROWA Part B? handboek voor revalidatie van olievogels is daarin de leidraad. Dat heeft als groot voordeel dat iedereen volgens dezelfde ‘best practice’ methode werkt en op die manier uniforme samenwerking en de kwaliteit van de revalidatie van vogels bewaakt wordt. Ook kan op die manier gemakkelijk internationaal worden opgeschaald. De EUROWAprotocollen worden regelmatig herzien en bijgesteld binnen de EUROWA groep op basis van de laatste wetenschappelijke inzichten.

Via een database wordt bijgehouden welke mensen opgeleid en getraind zijn, en hoe zij lokaal, regionaal of nationaal kunnen worden ingezet om te helpen bij de afwikkeling van een incident. Zo blijft het inzichtelijk of er genoeg getrainde capaciteit voor elke rol is ontwikkeld of dat er extra trainingen lokaal of regionaal nodig zijn. Dit wordt jaarlijks in overleg met Rijkswaterstaat op basis van rekenmodellen geëvalueerd en zo nodig bijgesteld worden.
De trainingen hebben inmiddels geleid tot een robuust aantal EUROWA gekwalificeerde exoerts, die op alle afdelingen van een TOV een rol kunnen vervullen ten tijde van een incident. Dankzij de SBV en het paraathed programma van Rijkswaterstaat is Nederland goed voorbereid en lopen we voorop in Europa.

Respons

In de SBV2.0 staan voor SON-Respons en het netwerk van SON-Respons opvangcentra een centrale rol beschreven, samen zorgen zij voor de eerste opvang van olievogels.

In de aanloop naar – en tijdens een respons wanneer de SBV geactiveerd wordt, heeft SON-Respons een adviserende- en deels een coördinerende rol. Adviserend naar RWS om dagelijks via een Driehoeksoverleg hen te informeren over het aantal bemseurde vogels en de beschikbare opvangcapaciteit. Coördinerend door de opvangcentra te ondersteunen bij de opvang- en revalidatie van de besmeurde vogels, te rapporteren en evalueren en te ondersteunen bij de financiële afhandeling.

De SBV beschrijft drie opschalingsniveau’s

In geval van een klein scenario, met een beperkt aantal vogels, zal één enkel opvangcentrum de opvang en revalidatie van de vogels alleen afhandelen.

Tijdens een middelgroot inicdent, zal in overleg met SON-Respons gekeken worden hoe de olievogels het best verdeeld over het netwerk van opvangcentra of beter onder één dak kunnen worden gebracht.

Wanneer een te groot aantal olievogels aanspoelt om door de opvangcentra te kunnen worden opgevangen en gerevalideerd, zal SON-Respons Rijkswaterstaat informeren en hen verzoeken de SBV te activeren en een Tijdelijk Opvangcentrum voor Vogels in te richten. Daar komen alle vogels en getrainde expertise samen om effectief en efficient de respons uit te voeren. Getrainde mensen zullen worden gemobiliseerd. Wanneer opgeschaald moet worden met specifieke expertise die niet beschikbaar is in Nederland, zullen ook collega experts uit het EUROWA netwerk gemobiliseerd worden.

Bij zeer grote incidenten is het onwaarschijnlijk dat alle besmeurde vogels gerevalideerd kunnen worden omdat er grenzen zijn aan capaciteit. In dat geval zal in overleg met met het Ministerie van LVVN het Draaiboek voor humane euthanasie geactiveerd worden.
De voorkeursmethoden voor watervogels worden steeds op basis van de meest recente internationale wetenschappelijke inzichten voor de specifiekek soorten bijgesteld en zijn erop gericht dat dieren niet onnodig lijden.